Redactie
17 September 2026
De fanfare van de Meyboom opende de festiviteiten. Het is moeilijk zich een meer Brusselse entrée voor te stellen: haar koperblazers zetten vanaf de eerste noten de toon en gaven de straat die tegelijk volkse en feestelijke energie die tot de ziel van de hoofdstad behoort. Ook de hemel speelde mee: zachtheid en een heldere lucht voor een ideale avond.
Voor de achtste keer sinds haar oprichting hebben Banque Transatlantique Belgium en L’Éventail de Crayerstraat geprivatiseerd en omgevormd, deze discrete elegante corridor tussen de Koningstuin en het Tenboschpark, tot een uitzonderlijke ontmoetingsplek waar kunst, gastronomie en erfgoed samenkomen. Vijf gebouwen openden voor één avond hun deuren en nodigden de circa 1.000 bezoekers uit om tijdens een wandeling vol ontdekkingen van de ene wereld naar de andere te gaan.
© Violaine le Hardÿ
De editie 2026 stond in het teken van de Frans-Belgische dialoog, en de aanwezige persoonlijkheden illustreerden die ambitie perfect. Zijne Excellentie Xavier Lapeyre de Cabanes, ambassadeur van Frankrijk in België, nam voor het eerst deel aan het evenement, naast Philippe Close, burgemeester van Brussel, een vaste figuur van de avond. Beiden namen het woord samen met Bertrand Marot, gedelegeerd bestuurder en voorzitter van het directiecomité van de Banque Transatlantique Belgium. Banque Transatlantique, opgericht in Frankrijk in 1881 door Eugène Péreire en historisch verbonden met de Franse diplomatieke kringen, is sinds 2005 aanwezig in Brussel. L’Éventail had hun kruisblikken verzameld over de banden die de twee landen verbinden.
© Violaine le Hardÿ
© Violaine le Hardÿ
De artistieke programmatie van deze editie bevestigde de formule die het evenement zijn reputatie heeft bezorgd: een buitenscène met monumentale sculpturen, en interieurs die doorgaans gesloten zijn voor het publiek en die, voor één avond, hun rijkdommen onthullen. Op straat trokken de werken van Diana Barrault, John de Radiguès en Michel Delvosalle alle blikken naar zich toe. De Galerie Colnaghi sloot zich bij het evenement aan door haar ruimtes voor de genodigden te openen, terwijl de Vertegenwoordiging van de Duitstalige Gemeenschap een selectie werken presenteerde, in bruikleen van het Museum van Elsene.
Frankrijk vertelde zich ook via zijn talenten: het Studio Harcourt bracht zijn mythische fotografische signatuur, en Les Confidents boden een verzorgde vitrine voor het vakmanschap van Franse ambachtslieden. Een onverwachte noot maakte het tableau compleet: Jim-Jazz, artiestennaam van regisseur Jean-Marie Poiré — aan wie we onder meer Les Visiteurs en Papy fait de la résistance te danken hebben — exposeerde zijn schilderijen. Op straat vervolledigden de lijnen van de mythische DS, symbolen van Franse auto-elegantie, de enscenering.
© Violaine le Hardÿ
Op z’n Belgisch ontvangen gaat ook via de smaakpapillen. De traiteur Delgoutte, lid van de Académie Culinaire de France, had degustaties bedacht rond de specialiteiten van het gastland — een smakelijke manier om te benadrukken dat diplomatie soms bijzonder doeltreffend aan tafel wordt bedreven. Wat dranken betreft: het bier Ommegang, de bubbels van Chant d’Éole, de jenever Fryns en de gin GauGin vertegenwoordigden het Belgische vakmanschap met een zekere coherentie in karakter. De uitnodiging tot reizen werd dan weer verzekerd door Voyageurs du Monde, aanwezig om eraan te herinneren dat de twee hoofdsteden voor hun inwoners zowel vertrekpunten als bestemmingen blijven.