Christophe Vachaudez
22 September 2026
We schrijven 1930 en het landgoed Skaugum is door een brand verwoest. Het is dus in villa Solbakken, nabij Skøyen, in de omgeving van Oslo, dat Astrid Maud Ingeborg het levenslicht ziet. Tijdens een buitengewone vergadering van de Raad van State kondigt koning Haakon VII aan dat de baby aldus is vernoemd naar haar tante en peetmoeder, koningin Astrid van België, alsook naar haar beide grootmoeders, koningin Maud, een achterkleindochter van koningin Victoria, en prinses Ingeborg, dochter van koning Frederik VIII van Denemarken.
© De Kongelig Samlinger
In 1934 kan de familie eindelijk terugkeren naar Skaugum en geniet de kleine prinses volop van dit landelijke kader aan de zijde van haar oudere zus Ragnhild en haar jongere broer Harald. Zij is negen jaar wanneer Duitsland Noorwegen binnentrekt, op 9 april 1940. De koninklijke familie en de regering vluchten per trein naar het noorden om arrestatie door de bezettingsmacht te ontlopen. Diezelfde nacht steken kroonprinses Märtha en haar kinderen de Zweedse grens over en op 12 augustus vertrekken zij naar de Verenigde Staten op uitnodiging van president Franklin D. Roosevelt.
© De Kongelig Samlinger
Tijdens deze periode woont prinses Astrid met de haren in Pooks Hill, een imposant landgoed in Bethesda, niet ver van Washington. Kroonprinses Märtha werkt onvermoeibaar voor de belangen van Noorwegen en de kinderen dragen op hun manier bij. Op 7 juni 1945 kan de koninklijke familie eindelijk naar Europa terugkeren. Duizenden mensen wachten haar op om haar welkom te heten op het station van Oslo. Prinses Astrid bewaart een levendige herinnering aan deze terugkeer naar het vaderland die voor haar gepaard gaat met haar eerste schooldag.
© Det kKongelige Hof
Na haar middelbare school gaat zij twee jaar economie en politieke geschiedenis studeren aan Lady Margaret Hall in Oxford. Zoals de meeste jonge meisjes van haar tijd maakt zij zich vertrouwd met naaien, koken en begint zij met aardewerkles. In 1954, bij het overlijden van kroonprinses Märtha, wordt de prinses first lady van Noorwegen terwijl zij slechts 22 jaar is. Zij zal deze functie vervullen tot 1968 wanneer kroonprinses Sonja het stokje overneemt.
In 1961 huwt prinses Astrid met een landgenoot Johan Martin Ferner. Het paar, dat vijf kinderen zal krijgen: Cathrine, Benedikte, Alexander, Elisabeth en Carl-Christian, woont niet ver van Oslo.
DR
Hoewel de zuster van de Koning onmiddellijk het beschermheerschap van het Prinses Märtha Fonds heeft overgenomen, heeft zij een bijzondere voorliefde voor sport getoond. Gepassioneerd door sport en atletiek woonde prinses Astrid met enthousiasme wedstrijden bij, zowel in officiële als in privéhoedanigheid. Als vaste bezoekster frequenteerde zij trouw Holmenkollen en heeft zij de eer gehad de medaille te ontvangen van de stad die beroemd is om haar 134 meter hoge schans die sinds 1892 in gebruik is, vedette van de Olympische Winterspelen van 1952. Ter gelegenheid van haar 80ste verjaardag in 2012 heeft zij de plaquette « Birkebeiner » ontvangen van de Noorse Skifederatie, als erkenning voor haar steun aan deze sport.
© Det Kongelige Hoff
Weduwe sinds 2015 blijft zij belangstelling tonen voor de verschillende verenigingen waarvan zij beschermvrouwe is. Onder hen houden verscheidene zich bezig met chronische ziekten of dyslexie bij kinderen, een probleem waaraan de prinses zelf heeft geleden. Men vindt er ook het Trondheim Symfonie Orkest, de Noorse Rotary of nog Dissimilis dat personen met een handicap ondersteunt.
Al deze instellingen hebben hun deelneming betuigd en zullen vertegenwoordigd zijn op de begrafenis van de prinses die op 23 september zal plaatsvinden in de kerk van Ris, op een steenworp afstand van haar huis in Vinderen waar zij meer dan zestig jaar heeft doorgebracht. Prinses Astrid en prins Lorenz zullen de Belgische koninklijke familie vertegenwoordigen.
Coverfoto: © Svein BrimiDet/Kongelige Hoff
Advertentie
