Martin Boonen
29 August 2025
Eventail.be – Vanessa Vaxelaire, je hebt net het voorzitterschap overgenomen van deAssociation des Vignerons Wallons. Waarom heb je deze functie aanvaard?
Vanessa Vaxelaire – Ik heb de vereniging niet alleen geleid: alles werd collectief gedaan. We organiseerden een oproep voor kandidaten en hielden daarna een stemming op de algemene vergadering. Aan het einde van dit proces werden twaalf bestuurders benoemd. We kwamen in conclaaf bijeen, iedereen sprak zijn wensen uit en ik bood aan om het voorzitterschap op me te nemen, op voorwaarde dat de anderen dat ook wilden. Ik zit al vijftien jaar in het vak, dus ik weet wat er op het spel staat. Ik wil vooral bijdragen tot een sterke dynamiek, op verschillende fronten actie ondernemen: de export, de zichtbaarheid van de Belgische wijn in de breedste zin van het woord, maar ook fundamentele zaken zoals BOB’s, kopersreglementering en de structurering van de sector.
Vanessa Vaxelaire, wijnmaker op Château de Bioul en voorzitter van de Association des Vignerons Wallons © DR
– Uw landgoed, Château de Bioul, is biologisch-dynamisch. Wilt u deze aanpak binnen de vereniging promoten?
V.V. – Wallonië is nu verhoudingsgewijs het meest biologische wijnbouwgebied ter wereld. Dit is grotendeels te danken aan de resistente druivenvariëteiten die velen hebben aangeplant. Dankzij deze variëteiten, die aangepast zijn aan onze breedtegraden, kunnen we de nood aan behandelingen drastisch verminderen. Ik voer geen actieve campagne voor biologische of resistente variëteiten, maar voor velen van ons zijn ze zinvol. Iedereen zou vrij moeten zijn om de praktijken toe te passen die bij hem passen, op basis van zijn eigen wijngaard en mogelijkheden.
BelBul
– Vous évoquiez un rapprochement avec la fédération flamande. Une fédération nationale est-elle envisageable ?
V.V. – Non, car la viticulture reste une compétence régionalisée. Nous sommes avant tout des agriculteurs, et ce cadre institutionnel limite la création d’une fédération nationale. Cela dit, nous multiplions les ponts comme à Wine Paris (par deux fois), des projets techniques comme un guide sectoriel. Une fédération commune n’est pas réaliste, mais des collaborations ponctuelles, oui.
Lodewijk Waes – Absolument. Cette interview croisée symbolise bien notre volonté d’unité. Nous sommes tous des vignerons belges, avec la même ambition : produire des vins de qualité pour tous, en Flandre comme en Wallonie. Travailler ensemble, c’est indispensable.
Lodewijk Waes, wijnmaker op Domaine Waes en voorzitter van de VZW Belgische Wijnbouwers © JL
– Het BelBul, of Bellebulle, label is de eerste zichtbare uiting hiervan. Kun je ons er meer over vertellen?
V.V. – We konden geen nationaal label creëren, omdat BOB’s regionaal zijn. Dus creëerden we een private label, maar wel een veeleisend label: om de naam BelBul te mogen dragen, moet je zowel aan de Waalse als aan de Vlaamse kant voldoen aan het BOB-lastenboek (het strengste van België). De wijn moet gemaakt zijn volgens de traditionele methode, met Belgische druiven, geteeld en gevinifieerd door het domein zelf.
L.W. – Het is niet alleen een mooie naam. Het is een garantie voor kwaliteit. De druiven moeten 100% Belgisch zijn, geteeld op familiebedrijven. Deze directe link tussen de wijnmaker, de wijngaard en de kelder garandeert authenticiteit. En het zorgt ervoor dat de consument niet eindigt met een Belgische mousserende wijn… waarvan de druiven uit Spanje komen.
V.V. – Het is een antwoord op een behoefte aan duidelijkheid. Veel consumenten kopen flessen met het etiket“Belgische wijn” zonder te weten dat er iets Belgisch in de inhoud zit. Het BelBul-label brengt orde op zaken. Bovendien geeft het onze bubbels een naam: we wilden niet langer horen over “Belgische cava”. Vandaag kunnen we met trots zeggen: “Ik drink een BelBul “.
BelBul
– Hoe kwam het dat historische landgoederen zoals Chant d’Éole en Domaine des Agaises (Ruffus), die eerder de BOB weigerden, zich bij de regeling aansloten?
V.V. – Hun inzet was essentieel. Zonder hen hadden we BelBul niet kunnen creëren. Zij zijn de drijvende kracht achter de Belgische bel. Hun steun toont aan dat het label zinvol was, zelfs voor diegenen die voordien de voorkeur gaven aan hun eigen merk. Ze waren van bij het begin actief betrokken bij het project.
– Kun je in de Belgische bubbels al regionale kenmerken onderscheiden tussen noord en zuid?
V.V. – Ja, we beginnen identiteiten te zien die gekoppeld zijn aan terroirs. De Vlaamse BOB’s zijn gestructureerder dan de onze. In Wallonië hebben we een BOB Crémant die iedereen in de Côtes de Sambre et Meuse omvat, behalve vier producenten die de pech hebben niet geografisch in dit gebied te liggen. Het is dus een onderwerp dat ons bezighoudt. En BelBul weerhoudt ons er niet van om vooruitgang te boeken met de herziening van de BOB’s. Het idee is juist om het ontstaan van verenigingen van domeinen met specifieke gemeenschappelijke kenmerken aan te moedigen. Er zijn de Crémants, gemaakt van traditionele druivensoorten, die de krijtlijn van de Champagne benutten, zoals de Domaine des Agaises (Ruffus), Chant d’Éole of Mont des AngesOf zij die, zoals wij bij Bioul, of Domaine du Chenoy en de coöperatie Vin de Liège, in de Maasvallei liggen en interspecifieke druivenrassen gebruiken… Deze domeinen zouden kunnen profiteren van een preciezere BOB om consumenten te begeleiden in hun keuze en echte regionale stijlen te zien ontstaan.
L.W. – In Vlaanderen zijn de BOB’s al gemoderniseerd. Maar wat de consument onthoudt is niet deBOB, maar het merk. Daarom is BelBul zo belangrijk. Het geeft een duidelijk beeld van Belgische mousserende wijn. En waarom morgen geen label voor stille wijnen?
BelBul
– Is het moeilijker voor Belgische wijn om zich te vestigen in Vlaanderen dan in Wallonië?
V.V. – De Waalse consumenten reageren goed. Ze zijn er trots op Belgisch te drinken. Maar niets is vanzelfsprekend. We moeten deze vertrouwensrelatie in stand houden. Het label helpt daarbij: het verduidelijkt de verschillen tussen een fles van € 9,90 en een fles van € 25, en laat de consument toe om een geïnformeerde keuze te maken.
L.W. – In Vlaanderen zijn de jongere generaties ruimdenkender, attenter voor kwaliteit en de ecologische voetafdruk. Maar er is minder chauvinisme. Er is nog steeds een generatie die zweert bij Bordeaux. Het is een proces op lange termijn. Maar de trend is positief.
Terwijl 2025 een uitzonderlijk wijnjaar belooft te worden, was de oogst van 2024 catastrofaal. Zou dit nieuwkomers hebben ontmoedigd?
V.V. – Eén jaar zonder oogst stuurt schokgolven door verschillende wijnjaren. Maar degenen die geïnvesteerd hebben, doen het voor de lange termijn. En dit soort voorvallen horen erbij. Je moet leren om de risico’s over tien jaar uit te vlakken. De statistieken zijn er: twee uitzonderlijke wijnjaren, twee rampen en de rest ertussenin.
L.W. – Er is een beetje een buzz rond wijn in België. Maar het is een moeilijke business, die totale toewijding vereist. Een slecht jaar relativeert. Dat is gezond.
BelBul
– Nog laatste woorden over BelBul?
V.V. – Ik ben blij dat Lodewijk ook nadenkt over een label voor stille wijnen. Waarom daar stoppen? Het BelBul-project staat open voor alle wijnbouwers die aan de criteria voldoen. Hoe meer we er zijn, hoe sterker het merk zal zijn.
L.W. – Lang leve de Belgische wijn.
Op internet
Advertentie
Advertentie